HP LaserJet 4100 Printer series - Afdrukken van enveloppen

background image

Afdrukken van enveloppen

Met de optionele envelopinvoer voert de printer automatisch
maximaal 75 enveloppen in. Zie “Bestelinformatie” op pagina 22 voor
het bestellen van een envelopinvoer. Zie “Automatische envelopinvoer
(optionele envelopinvoer)” op pagina 60 voor het afdrukken
enveloppen met de optionele envelopinvoer. Zie “Enveloppen” op
pagina 215 voor envelopspecificaties.

Veel typen enveloppen kunnen worden afgedrukt vanuit lade 1.
(De lade kan maximaal 10 enveloppen bevatten.) De afdrukkwaliteit
is afhankelijk van het soort envelop. Probeer dus altijd een paar
proefenveloppen voordat u een grote hoeveelheid koopt.

Stel de marges tenminste in op 15 mm van de rand van
de envelop.

Open de achter-uitvoerbak voor een rechte papiergang.
Zo verkrijgt u betere resultaten bij krullende enveloppen.

Als u continu grote aantallen enveloppen afdrukt, of als u afwisselend
enveloppen en andere media afdrukt, kunt u

KLEIN PAPIER/

SNELHEID = LANGZAAM

selecteren op het bedieningspaneel van de

printer. Hiermee kunt u de doorvoersnelheid van smal papier beperken
zodat de warmte die bij het afdrukken vrijkomt kan worden afgegeven.
Door het gebruik van deze functie neemt de doorvoersnelheid van de
printer af, wordt uw printer beschermd tegen schade en wordt
bovendien een uitstekende afdrukkwaliteit gegarandeerd.

WAARSCH.!

Gebruik nooit enveloppen met coating (aan binnen- of buitenkant),

met een zelfklevende strook die niet is afgedekt, of met andere

kunststof elementen. Deze stoffen kunnen bij verhitting schadelijke

dampen afgeven.

VOORZ.

Enveloppen met lipjes, drukknopen, vensters, geplastificeerde

binnenkanten, niet afgedekte zelfklevende stroken of andere kunststof

elementen kunnen de printer ernstig beschadigen.

Probeer nooit een envelop aan beide zijden te bedrukken. Dit kan

papierstoringen veroorzaken en de printer beschadigen.

Controleer eerst of de enveloppen goed plat liggen en niet beschadigd

zijn of aan elkaar plakken, voordat u ze gaat invoeren. Gebruik

geen zelfklevende enveloppen waarvan de kleefstroken onder

druk vastkleven.

background image

DU

Afdrukken op speciaal papier 59

Laden van enveloppen in lade 1

1

Open lade 1, maar trek het
verlengstuk niet uit. (Het invoeren
van de meeste enveloppen verloopt
gemakkelijker zonder het
verlengstuk. Voor sommige
enveloppen van groot formaat kan
het gebruik van het verlengstuk
echter nodig zijn.)

2

Laad maximaal 10 enveloppen
in het midden van lade 1 met de
afdrukzijde naar boven en de
frankeerzijde naar de printer toe.
Schuif de enveloppen zo ver
mogelijk in de printer zonder
te forceren.

3

Schuif de geleiders tegen het
stapeltje enveloppen, zonder dat
deze echter gaan opbollen. De
enveloppen moeten onder de lipjes
op de geleiders passen.

Opmerking

Gebruik de achter recto-uitvoerbak
wanneer enveloppen krullen (zie
“Afdrukken naar de achter-uitvoerbak”
op pagina 47).

1

2

3

background image

60

Hoofdstuk 2 - Afdruktaken

DU

Automatische envelopinvoer (optionele envelopinvoer)

Met de optionele envelopinvoer voert de printer automatisch
maximaal 75 enveloppen in. Zie “Afdrukken van enveloppen” op
pagina 58 voor het afdrukken enveloppen zonder envelopinvoer.

Alleen enveloppen met een standaardformaat kunnen via de
envelopinvoer worden afgedrukt (zie “Ondersteunde papierformaten
en gewichten - optionele envelopinvoer” op pagina 209).

Opmerking

Zie de documentatie bij de duplexeenheid voor de complete instructies

betreffende installatie en instellingen.

Het is mogelijk dat u het printerstuurprogramma moet configureren
om de envelopinvoer te herkennen. Zie de on-line
printerstuurprogramma-Help voor details

Lade-

verlengstuk

Geleiders

Envelop

gewicht

Ontgrendelhendel

background image

DU

Afdrukken op speciaal papier 61

De envelopinvoer plaatsen en
verwijderen

1

Open lade 1.

2

Verwijder het plastic deksel van de
printer. (Wanneer de envelopinvoer
niet aangesloten is, brengt u het
deksel weer aan.)

3

Plaats de envelopinvoer in de printer
totdat deze wordt vergrendeld.
(De connector rechts bovenop de
envelopinvoer past in de
insteekopening in de printer.) Trek
voorzichtig aan de envelopinvoer om
te controleren of deze goed vast zit.

4

Druk op de ontgrendelingsknop
links om de envelopinvoer te
verwijderen en trek de envelopinvoer
uit de printer.

1

2

3

4

background image

62

Hoofdstuk 2 - Afdruktaken

DU

Enveloppen in de
envelopinvoer laden

Opmerking

Druk uitsluitend af op enveloppen die
goedgekeurd zijn voor gebruik in de
printer (zie “Afdrukken van enveloppen”
op pagina 58 en “Enveloppen” op
pagina 215).

1

Vouw het verlengstuk van de lade
uit. Til het envelopgewicht op.

2

Knijp in de ontgrendelingshendel op
de linker envelopgeleider en schuif
de geleiders uit elkaar.

3

Laad enveloppen in de
envelopinvoer met de afdrukzijde
naar boven en de frankeerzijde naar
de printer toe. Druk de enveloppen
zo ver mogelijk in de envelopinvoer,
zonder te forceren. De onderste
envelop moet iets verder in het
invoermechanisme steken dan de
enveloppen die er bovenop liggen.
(Stapel ze zoals is aangegeven.)

Vervolg op de volgende pagina.

1

2

3

background image

DU

Afdrukken op speciaal papier 63

4

Druk de geleiders tegen het stapeltje
enveloppen, zonder dat deze gaan
opbollen. De envelopinvoer mag niet
te vol zijn.

5

Plaats het envelopgewicht weer op
de enveloppen.

Opmerking

Kies het envelopformaat vanuit het
toepassingsprogramma (als dit over
deze instelling beschikt), vanuit het
printerstuurprogramma, of vanuit het
Papierverwerkingsmenu op het
bedieningspaneel van de printer (zie
“Papierverwerkingsmenu” op
pagina 230). Zie “Afdrukken per soort en
formaat” op pagina 75 voor afdrukken
per type en formaat papier.

4

5

background image

64

Hoofdstuk 2 - Afdruktaken

DU